Vanochtend liepen ik samen met nr1. en nr3. door de wijk. We gingen op berenjacht.

Gisteren gingen we ook de buurt in, maar dan de andere kant op. We telden 6 beren.

We liepen de zijstraatjes in. Nog een blok verder. Langs de school. Langs de flats. We kwamen langs straten waar klasgenootjes woonden. Hier woont A. en hier woont R. en kijk, mama, volgens mij woont S. hier, zei nr1.

Er waaide een harde wind. Het was nog stil op straat. Zo af en toe deed ik de kap van de kinderwagen naar beneden, zodat nr3. beschut zat.

Bij sommige ramen zagen we de beren. Soms hing er een beer uit het raam. Soms zagen we een beer bij de flats. Soms zat er een tekst bij. Wees lief voor elkaar. Tot het eind telden we 26 beren.

We waren bijna weer thuis. En dan opeens, bij ons eigen huis, bij het raam, zie ik een beer zitten. Kijk nr1, zeg ik. Ik wijs naar ons raam. Hij ziet zijn oude knuffelbeer. Beer! roept hij enthousiast uit.

Nu hebben we 27 beren in totaal. Een berenjacht in tijden van corona. Hoe gaat dat straks? Na corona? Tellen we nog beren? Zijn we nog lief voor elkaar?

Written by

Zine 1 “Liefde” (2019). Boek 1. “Ik ben er (ook) nog” (maart 2020). Ben trouwens ook nog eens moeder.

Get the Medium app

A button that says 'Download on the App Store', and if clicked it will lead you to the iOS App store
A button that says 'Get it on, Google Play', and if clicked it will lead you to the Google Play store