In de zakken van mijn jas, een lange zwarte mantel van Monki die ik al een aantal jaren heb, en hij is echt zo fijn, zit van alles. Drie steentjes. Een paar hele kleine kiezelsteentjes. Een zilver glitterballetje. Een handschoen, van nr2, hij was de ene handschoen kwijt, of ik die voor hem kon bewaren. Plastic speelgoedjes, iets kleins, wat de jongens waarschijnlijk kregen bij 1 of ander chocola, en ze het bij mij kwijt konden. Snoeppapiertjes.

Ook in mijn tas zit van alles, luierdoekjes. Een hydrofiele doek. Een luier. Veel snoeppapiertjes. Een boterhamzakje met koekjes, inmiddels vele stuk gebroken.

Bij ons thuis vind je overal ballen. In de keuken, een bal van peppa pig, een bal van cars, een zachte pluche bal van de Ikea. In de woonkamer een echte voetbal, ergens onder de bank. Onder de tv-meubel zie ik een autootje. Onder de bank ook: 2 plastic speelgoedringen, een groene drinkbeker, een verdwaalde sok en een houten blokje. Onder de blauwe loveseat: autootjes. Onder de box: 2 knuffels, 2 puzzelstukjes. Onder de bruine kast: een koffer van nr3, met speelgoedjes erin, nog wat puzzelstukjes en een boek.

In de keuken, bij het aanrecht, vlak daaronder, een speelgoedauto. Bij de prullenbak, de loopauto van nr3. Bij de deur, bij de keuken, en rolletje plakband.

Bij de trap zie ik nog een puzzelstukje, een speelgoed autostuur dat nog een beetje geluid maakt, het is nog geweest van nr1. Verder wat robots. Een tree erboven: een verdwaalde pantoffel.

Het zijn van die kleine dingetjes die ik in het hele huis vind, volstrekt onlogisch, want wat doen ze daar, maar zo gaat het met een huis met kinderen. Ik erger me er soms rot aan want zo is het huis in mijn ogen dus nooit opgeruimd. Als ik een weekendje alleen ben ruim ik het op, hou ik mezelf voor. Maar toch, zodra de kids dan bij opa en oma slapen ruim ik het toch niet op.

Het is iets bekends, iets waarvan ik weet dat het daar ligt, en waarvan ik dan weer weet: lief. Schattig. Het komt van de kinderen. Ik vraag me af waarom die dingen dan precies daar liggen. In mijn hoofd zie ik het zo voor me. Dat nr2 druk aan het spelen is met de autootjes en vervolgens is afgeleid. Dat nr3 aan het spelen is met de gekleurde ringen, dat eentje wegrolt, hop onder de bank. Hij deed vast nog een verwoede poging om de ring terug te halen, maar kwam er vast niet bij.

Als ik op het schoolplein sta te wachten en het koud heb doe ik mijn handen in mijn zakken. Ik voel van alles. Ik beloof mezelf voor: als ik ergens een prullenbak zie gooi ik alles weg. En toch, ik doe het niet. Het speelgoed in huis, de troep in mijn tas en in mijn jaszakken, het hoort bij mijn kinderen. Ze horen bij mij. Bij mijn leven.

Written by

Zine 1 “Liefde” (2019). Boek 1. “Ik ben er (ook) nog” (maart 2020). Ben trouwens ook nog eens moeder.

Get the Medium app

A button that says 'Download on the App Store', and if clicked it will lead you to the iOS App store
A button that says 'Get it on, Google Play', and if clicked it will lead you to the Google Play store