We gingen op vakantie, of nouja, vakantie, we huurden een huisje in een vakantiepark en ik ben erachter gekomen dat daar echt niets sexy aan is.

Een vakantiepark, laten we zeggen Landal, want daar zaten we, is ook gewoon maar een groot natuurgebied met allemaal verschillende huisjes waar je vooral met je jonge, ik herhaal jonge, gezin kunt verblijven.

Want dat is wat je alleen maar om je heen ziet. Jonge gezinnen. Jonge kinderen. Kinderen die nog niet in de pubertijd zitten, want welke puber wil nou vrijwillig mee naar zo’n vakantiepark. Ik zou het niet weten.

Jonge kleine kinderen dus. Jonge ouders. Ouders zoals ik. Het vakantiepark is vooral gericht op hen, want je hebt allemaal activiteiten zoals paardje rijden, of knutselen, of een mini appelcake maken of cupcakes versieren of zeemeermin zwemmen (begint al om 8.30 uur, vind ik net iets te vroeg anders had ik mezelf aangemeld).

Je kunt bakfietsen huren, er is een kinderboerderij en er zijn allemaal speeltuintjes. En een zwembad natuurlijk, een geheel aftands zwembad maar dat maakt niet uit. Want kinderen willen gewoon een bad en een glijbaan, weet ik nu. En kleine kinderen, zoals nr3, willen gewoon een ondiep badje met een vis erbij waar water uitkomt, en dat is leuk, in de gaatjes steekt hij zijn vinger in en elke keer als hij zijn vinger eruit haalt spuit er weer water uit en ligt hij een deuk. En in dat ondiepe bandjes zijn er natuurlijk allemaal plastic emmertjes en bootjes en nog meer van dat spul, waar hij de hele tijd water in het ene emmertje doet, en vervolgens overgiet in de andere. Lachen. Leuk.

Ik zit erbij, met nog wat kindjes en nog wat moeders. Soms pakt een kindje het emmertje af van nr3. De moeder zegt “he, foei Jespertje (of insert andere nederlandse naam, in zo’n vakantiepark vind je bar weinig allochtonen, ik ben de enige donkere, of nouja, Aziaat dus), geef maar terug, ze lacht even naar mij, ik lach terug en zeg “ach, het geeft niets hoor”. Ook dat is me trouwens opgevallen: nieuwe ouders zijn altijd voor de dood als hun kind per ongeluk iets afpakt van een ander kindje, maar inmiddels weet ik: zo zijn kinderen en ik laat ze. Pak maar lekker af nr3.

Bij een iets groter speeltuin, met veel zand en klimrekken en een springkussen, zitten mijn man en ik. We kijken om ons heen. Hier wil je toch niet heen als je geen kinderen hebt, zucht ik tegen mijn man. Hij moet lachen. Je ziet die vaders ook, zegt hij, zulke sufferds. “Je hoort ze bijna denken “godverdomme, sta ik hier sophietje te duwen op de schommel terwijl ik tig keer liever een biertje drink met mijn maten”.

Ik zucht nog maar eens. Duw mijn zonnebril hoger op mijn neus. Ik kijk om me heen. De moeders in makkelijke kleren. De vaders de goede vader uit te hangen.

Dit is nu vakantie, bedenk ik me. Het is leuk, het is gezellig, maar ik wil nu liggen bij een strand. Met wit zand. Met helder water. De kinderen zijn lief. Ze spelen leuk samen, zonder geruzie. Ik drink nog maar een alcoholvrij drankje terwijl ik lig op een zeer comfortabel strandbed. Met zachte kussens.

Maar ik ben hier. In een vakantiepark, een totaal niet aantrekkelijk vakantiepark waar niets sexy is.
Behalve ik dan.
Oh, wat ben ik toch sexy.

Written by

Zine 1 “Liefde” (2019). Boek 1. “Ik ben er (ook) nog” (maart 2020). Ben trouwens ook nog eens moeder.

Get the Medium app

A button that says 'Download on the App Store', and if clicked it will lead you to the iOS App store
A button that says 'Get it on, Google Play', and if clicked it will lead you to the Google Play store