Het gaat maar door, die stukjes over de liefde

Soms overvalt het moederschap me. Opeens, op momenten dat ik het niet had gedacht, dat ik het niet zag aankomen, dan voel ik de tranen opkomen.

Ik huil niet snel, eigenlijk bijna nooit. Ik voel het wel opkomen, ik voel verdriet, de tranen, ze komen bijna, maar toch niet, en blijven hangen achter mijn ogen, in zoverre dat kan natuurlijk.

Het zijn van die momenten van en met kinderen dat je wel moet huilen. Om kleine dingen. Toen nr1 nog op de creche zat ging ik een keer mee als hulpouder naar een uitje in het bos. Ik zie hem nog staan, met een felgeel hesje om zijn winterjas heen waar groot de letters van de creche op stonden. Hij had een muts op en zijn laarzen aan en liep voorop. Samen met de juf gingen ze van alles zoeken, kleine holletjes bij een boom, ze bleven hangen bij planten, ze vonden paddestoelen op de grond. En ik hoorde hem al die dingen vragen, zo enthousiast en nieuwsgierig. Alles wou hij weten. Het was denk ik voor het eerst dat ik een kant zag die ik nooit zo eerder had gezien. Nr1 op de creche, zo gedraagt hij zich dus, dacht ik. En ik voelde tranen over mijn wangen die ik maar snel wegveegde.

De eerste zwemles van de jongens, een paar weken terug, ook dat was zo’n moment. Je kunt denken: wat is dat nou, een zwemles, joh wat maakt het uit. Mijn man en ik keken in het restaurant achter de ramen naar de kinderen in het zwembad. En daar zaten ze, nr1 en nr2, naast elkaar. Een groen zwemvestje om. De beentjes om elkaar heen geslagen, die lekkere kleine voetjes. Nr 1. mocht eerst in het water springen en dat kinderlijke springen, geweldig. Handjes omhoog. Hakken naar de billen. En dan het gezicht als hij weer boven water komt, zijn handjes gaan meteen naar zijn ogen, wrijven, zijn haar veegt hij aan de kant. Daar gaan ze, dacht ik. Ze worden zo snel groot, dacht ik. En weer een paar tranen over mijn wangen.

Gisteren hadden ze judo. Ze speelden tikkertje. Nr1 was de tikker, hij was zo blij toen hij werd uitgekozen. Zijn gezicht, die grote glimlach, en dan zijn oogjes die dan klein worden. 1,2,3 telde de meester, en rennen iedereen! En ik zag hem rennen, achter de andere kinderen aan. Nr1 rent nog een beetje terughoudend, voorzichtig, zijn motoriek is niet helemaal zoals nr2 die als een dolle door iedereen door rent. De armpjes van nr1 ietwat gebogen, de hele tijd die glimlach op zijn gezicht terwijl hij zoveel kinderen probeert te tikken.

Waarom juist daar ik weer tranen kreeg gisteren, ik weet het niet. Ik zat middenin een gesprek ook nog, met een andere moeder, terwijl ik ook naar de kinderen kreeg. En toch opeens dan, juist op die momenten dat je het niet verwacht, komen de tranen. Is er iets, vroeg de andere moeder. Ik weet het niet, zei ik. En ik weet het echt niet, hoe het toch komt dat moederschap dat met je doet.

Written by

Zine 1 “Liefde” (2019). Boek 1. “Ik ben er (ook) nog” (maart 2020). Ben trouwens ook nog eens moeder.

Get the Medium app

A button that says 'Download on the App Store', and if clicked it will lead you to the iOS App store
A button that says 'Get it on, Google Play', and if clicked it will lead you to the Google Play store