Nog 1 laatste weekendje samen, LOML en ik. Dat was gisteren. Zaterdagavond zaten we op het dakterras, we praatten wat over de vakantie. Zondagochtend, even sporten. ‘s middags naar de bioscoop, we keken deze docu, hoewel erg amerikaans, kan ik het wel aanraden. Ik heb zoveel respect voor mensen die zo’n groot boerderij vanaf de grond opbouwen.

Daarna de kinderen opgehaald bij mijn ouders. Op de terugweg in de auto luisteren we de soundtrack van Spiderman — into the spiderverse, onze nieuwe lievelingsfilm.

Eenmaal thuis brengen we de kinderen op bed, we kijken nog tv, ik lees nog wat. Als we op bed liggen kan ik niet meteen slapen. Het is warm. Ik heb het warm. Mijn hoofd zit nog vol. De hele dag, of eigenlijk de hele week, voel ik me emotioneel. Verdrietig ergens om, maar wat precies kon ik niet plaatsen.

Ik stapt uit bed, LOML vraagt wat ik ga doen. ‘Even bij abang* kijken’, zeg ik. Nr1. ligt heerlijk te slapen. Zijn hoofd vlakbij de rand van zijn bed zodat ik door zijn haren kan gaan en hem een kus kan geven. Morgen gaat hij naar groep 3. Ik kan het niet laten, de tranen rollen vanzelf over mijn wangen. Verdomd moeilijk heb ik het hiermee.

Vanochtend werden we allemaal laat wakker. Half acht. Een beetje haasten, rustig aan doen is er niet meer bij. Ik bleef ze knuffelen, nr2 een kus, maar vooral nr1, die verschrikkelijk zin had om weer naar school te gaan. Ik nam hem bij mij op schoot. Wil je nog wel aan mama denken vandaag, vroeg ik hem. Want mama vindt het wel moeilijk hoor, dat je vandaag al naar groep 3 gaat.

Op het schoolplein geeft de directrice een kort praatje. Het nieuwe schooljaar. Daarna eerst eerst nr2. brengen, naar groep 2, zijn nieuwe juf. Hij word opeens aanhankelijk, wil dat ik hem ging optillen, nog een kus, nog een knuffel, zijn broertje moet hij ook nog een kus geven. Een snel handje aan zijn nieuwe juf, en dan in de kring zitten. Je doet het super, zeg ik hem. Mama haalt je vanmiddag weer op. Tot straks! Mijn man en ik zwaaien naar hem, verlegen zwaait hij terug.

Dan naar de nieuwe groep, de andere kant van de school. Opeens moet ik ook hier zijn. Nr1. gaat zitten bij zijn tafeltje, zijn foto plakt op zijn stoel. Hij begint met tekenen. Ik maak kennis met de nieuwe juffen, praat nog wat met een andere moeder. Nr3. staat bij zijn grote broer aan tafel, hij wil ook een potlood pakken.

Ik blijf hem knuffelen. Een kusje in zijn nek. Op zijn hoofd. Ik ruik nog aan zijn haren, zijn lange krullen. Nog een knuffel dan, nog een kus. Ik vind het zo stoer van je, zeg ik in zijn oor. Hij lacht.

Tijd om weg te gaan. Door de ramen blijf ik nog even kijken. Zwaaien. Enthousiast met een grote glimlach op zijn gezicht zwaait hij terug.

Mijn man gaat naar werk, met nr3 ga ik nog even rustig thuis ontbijten. In de woonkamer kijk ik om me heen. Het is stil. Rustig. Twee kinderen minder, het scheelt zoveel. Ik voel me leeg. Onrustig. Ik voel verdriet, weer een nieuwe fase. Ik mis ze, de grote broers, de oudste jongens. Ik mis het lawaai, het vakantieritme. Het missen, dat voel ik. Ik voel een gemis. Een soort afscheid.

Onrustig loop ik door het huis. Ik besluit boodschappen te doen met nr3. Als ik buiten sta bedenk ik me dat ik mijn zonnebril ben vergeten. Bijna wil ik mijn Ray-ban zonnebril pakken, als ik opeens moet denken aan een moederdag kadootje van nr2.

Het is een roze zonnebril. Als ik er doorheen kijk heeft de wereld een roze tintje. Precies wat ik vandaag wel kan gebruiken.

*abang: grote broer in het indonesisch.

Written by

Zine 1 “Liefde” (2019). Boek 1. “Ik ben er (ook) nog” (maart 2020). Ben trouwens ook nog eens moeder.

Get the Medium app

A button that says 'Download on the App Store', and if clicked it will lead you to the iOS App store
A button that says 'Get it on, Google Play', and if clicked it will lead you to the Google Play store