Een hutje aan de wei

Het mooie aan corona is ook dat je jezelf zo leert kennen. Want je mag toch niets. Je kunt niet naar de stad, of naar de cafe, niet naar vrienden, niet wat kopen, ook niet sporten.

Ik zei gisteren tegen LOML dat het zo fijn voelt dat je even niets moet. Want de sportschool is toch dicht, dus he daar kan ik geen schuldgevoel over hebben. Ik hoef nergens heen, dus er is geen gehaast. Er is gewoon zoveel rust opeens. Stilte.

En dat laatste, ik merk dat ook in de wijk. Op straat. Elke ochtend als we even wandelen zie ik bijna niemand. Geen fietsers, geen studeren, geen auto’s, niemand die haast heeft. Alsof het zondag is, of die dagen rond kerst.

Ik riep altijd heel hard: ik ben er nog niet aan toe om in een dorp te wonen. Ik vind die prikkels van de stad ook wel fijn. Ik wil even snel met de fiets naar de supermarkt kunnen. Ik wil gewoon in de stad wonen.

Maar deze laatste dagen merk ik hoe fijn de rust opeens is. De stilte. Ik kan mezelf zomaar voorstellen in een dorp, afgelegen, ergens bij het strand, of in een bos, of op de wei, maar wel in de natuur. Met groen om me heen. Veel stilte.

Het is niet iets voor nu. Later misschien wel. En die dag komt steeds dichterbij.

Written by

Zine 1 “Liefde” (2019). Boek 1. “Ik ben er (ook) nog” (maart 2020). Ben trouwens ook nog eens moeder.

Get the Medium app

A button that says 'Download on the App Store', and if clicked it will lead you to the iOS App store
A button that says 'Get it on, Google Play', and if clicked it will lead you to the Google Play store