Maandag:
We moeten na school snel nr2 en nr3 brengen naar de zwager, die gaat even oppassen. Vanaf daar moeten we weer naar het centrum naar de stad voor een kleine operatie voor nr1. Hij heeft een te kort tongriempje en die laten we klieven. Hij is heel dapper en doet het heel goed. Hij krijgt ter verdoving 3 spuitjes, waarbij we met z’n allen elke keer tot 10 tellen. Mijn hand houdt hij stevig vast. Ik zie zijn ogen nat worden als de tandarts, pardon de tongdokter, hem duidelijk en lief uitlegt wat er allemaaal gaat gebeuren. Toch spannend vindt hij het. Zijn beentjes wiebelen op de stoel. Maar ik hou zijn gezicht vast, ik geef hem een kus op zijn voorhoofd, fluister hem dat hij het heel goed doet, en dat hij mag huilen als hij dat wilt.

Dinsdag:
Er is een voorleesochtend in de bieb. Ik twijfel nog of ik erheen ga, maar dan krijg ik een mailtje dat mijn gereserveerde boeken klaarliggen. We wandelen erheen, nr3 en ik. Ze zijn al bezig als we aankomen. Een vrouw vertelt een verhaaltje aan de hand van mooie platen. Wat moeders en kinderen zitten in een kringetje om haar heen. Ik ga ook zitten, maar ik weet het al, nr3, vindt rondkruipen toch leuker. Al snel zit hij aan de andere kant van de bieb, en moet hij keihard lachen als ik hem achterna ga.

Woensdag:
Playdate. Na school blijven 2 vriendjes van nr1. spelen. Ze hebben grote lol met z’n allen. Ik hoor ze in de speelkamer spelen, verhaaltjes vertellen, en dan weer keihard lachen. Rond een uurtje of half 5 breng ik de vriendjes thuis.

Donderdag:
Er zijn een paar dingen die ik wil doen vandaag, besluit ik. Mijn schoonouders passen op en dan moet ik toch zeker wel tijd hebben om en wat te schrijven en te sporten. Het lukt. Ik ga naar het kantoor van mijn man waar ik 3 stukjes kan schrijven voor mijn boek. Daarna heb ik zelfs nog een half uurtje over, ik besluit wat gedichten te lezen van Rutger Kopland. Daarna ga ik sporten. Als ik thuiskom eet ik snel wat en later breng ik de jongens naar zwemles.

In de avond blijven mijn ouders slapen. Mijn vader wilt vrijdagochtend graag de jongens naar school brengen. LOML en ik gaan donderdagavond naar de bios, we kiezen voor de prachtige film Nuestro Tiempo. Een lange zit van 3 uur, maar wat een prachtige scenes zitten erbij.

Vrijdag:
Nr3 is alweer bijna 2 weken gipsvrij maar loopt nog steeds niet. We vertrouwen het niet en maken een afspraak met het ziekenhuis. Dat is vandaag. Ik heb eerst nog een ochtend in het wijkgebouw voor mijn vrijwilligerswerk. Het is gezellig, ik ontmoet nieuwe moeders en realiseer me weer hoe ingewikkeld het ouderschap is voor kersverse moeders. We praten veel met z’n allen, ik hoop dat de moeders er wat aan hebben.

In het ziekenhuis schiet ik vol in de ergernis. We worden niet kundig te woord gestaan, moeten tig keer ons verhaal doen. Geen idee waar het aan ligt dat nr3 nog niet loopt, het kan van alles zijn. We krijgen geen duidelijk antwoord. Ik overleg even, zegt een assistent arts en ze loopt weg. Na een half uur zitten we nog te wachten in de kamer, mijn man vraagt aan de balie medewerkster of ze ons niet vergeten. Dat blijkt wel het geval te zijn.

Een brace misschien stellen ze voor, en het lukt mij totaal niet om mijn ergernis te verbergen. Ik zie mijn man naar me kijken, met zijn ogen te seinen dat ik geduldig moet blijven, daarvan raak ik nog meer geirriteerd.

In de auto op de terugweg krijgen we ruzie. Ik ben pissig dat de dokters niet duidelijk kunnen zeggen waar het aan ligt dat nr3. nog niet loopt, LOML verwijt me dat ik vooral boos ben en dat dat niets helpt.

Donder op, bijt ik hem toe, hou gewoon eens je mond snauwt hij, en het laatste stukje naar huis zijn we stil naar elkaar.

Als we bij de deur aankomen snauw ik naar hem dat hij de deur open moet doen, ik heb geen huissleutel bij me. Hij loopt naar de deur en ik herken zijn arrogante loopje. Ik zet mijn voet uit en hij struikelt bijna. Wat ben jij kinderachtig, mompelt hij.

Later op de avond, als de kinderen op bed liggen, kunnen we er wat rustiger over praten. Ik ben afgekoeld en realiseer me dat ik baal dat nr3 nog niet loopt, daarnaast zijn er wat issues met nr1. op school, kortom: het loopt gewoon even niet soepeltjes. En ik heb er geen controle op. Ik baal daarvan.

Zaterdag:
mijn tante is jarig. Ik ga alleen naar haar toe, de jongens zijn moe, ze hebben ‘s ochtends nog even gezwommen. Ik vind het niet erg, het feestje is gezellig, er is, natuurlijk, lekker veel eten, en rond een uurtje of 9 rij ik naar huis. Het is donker. Het regent. Ik denk aan vroeger, voordat LOML en ik getrouwd waren. Dat ik elke vrijdagavond naar hem toe reed, naar Groningen. Waar we zo blij waren met het weekend, eindelijk met zijn tweeen. Het hele weekend the Sopranos kijken, het bed induiken voor heerlijke zoenen, ‘s avonds samen koken, en zondagavond ik weer een beetje verdrietig werd want dat de week begon weer.

Ik reed terug naar huis, waar ik nu zoveel dagen met hem kan doorbrengen. Met hem. Met de jongens.
Wij.
Ons.
Samen.
De hele week, de hele maand, zelfs jaren, en ik heb er zoveel zin in.

Written by

Zine 1 “Liefde” (2019). Boek 1. “Ik ben er (ook) nog” (maart 2020). Ben trouwens ook nog eens moeder.

Get the Medium app

A button that says 'Download on the App Store', and if clicked it will lead you to the iOS App store
A button that says 'Get it on, Google Play', and if clicked it will lead you to the Google Play store